Op 21 december 2016 werd bij alle 132 bewoners van een woonzorgcentrum van Zorggroep Alliade een puntprevalentie-onderzoek uitgevoerd naar het gebruik van antibiotica en daaraan mogelijk gerelateerde infecties. Doel van dit onderzoek was om na te gaan of een dergelijk puntprevalentie-onderzoek een goede methode kan zijn om een beeld te krijgen van het antibioticagebruik in een dergelijke setting, en of deze informatie inzage biedt in het aantal infecties op dat moment. Van de 132 bewoners die op 21 december verbleven in de betreffende locatie bleken er 11 (8,3%) op die dag antibiotica te gebruiken. Op basis van deze gegevens werd nagegaan waarom antibiotische therapie was gestart. Bij 6 bewoners (54,5%, n=11) bleek het om een onderhoudsdosering te gaan, onder andere in verband met eerdere vastgestelde chronische urineweginfecties of het voorkomen daarvan. Bij 3 bewoners (27,3%) werd antibiotische therapie ingesteld in verband met de diagnose urineweginfectie. Bij 1 bewoner was sprake van een antibiotische behandeling in verband met een chronische huidaandoening. Een andere bewoner kreeg antibioticaprofylaxe in verband met een ingeplande operatie. Geconcludeerd wordt dat een puntprevalentie-onderzoek naar het gebruik van antibiotica een efficiënte methode is om snel en goed inzage te krijgen in het daadwerkelijke antibioticagebruik op dat moment. Op basis van die informatie kan vervolgens op een snelle manier worden nagegaan of er bij de betreffende bewoners daadwerkelijk sprake is van een (actieve) infectie. Ook kan worden nagegaan of de indicatie voor antibioticagebruik terecht of onterecht is (antibiotic stewardship). Voorwaarde daarbij is wel – maar dat geldt in andere gevallen van infectieregistratie ook – dat dossiers up to date zijn.

Auteurs:
P.J. Caesar1, H. van Drunen2.
1 Deskundige Infectiepreventie, Zorggroep Alliade en Ziekenhuis Tjongerschans
2 Verpleegkundig Specialist, Zorggroep Alliade

Klik hier voor het gehele artikel

Print Friendly, PDF & Email